KJ-Summary-NL-20260522 KJ-Summary-FR-20260522
KJ-Summary-UR-20260522 KJ-Summary-BN-20260522
Samenvatting vrijdagpreek 22 May 2026
Gegeven door Hazrat Khalifatul Masih V (aba)
In de vorige preek vervolgde Huzoor-e-Anwar (aba) zijn uiteenzetting over de nederigheid en bescheidenheid uit het gezegende leven van de Heilige Profeet (sa).
De Boodschapper van Allah (sa) zei:
“Ik eet zoals een dienaar eet en ik zit zoals een dienaar zit, want ook ik ben slechts een dienaar.”
Hiermee bedoelde hij dat hoogmoed, arrogantie en vertoon, zoals die bij leiders en machthebbers voorkomen, geen plaats in hem hadden.
Hazrat Anas (ra) verhaalt dat de kameel van de Heilige Profeet (sa), genaamd ‘Adba’, zo snel was dat geen andere kameel haar kon inhalen. Op een dag kwam een bedoeïen op een jonge kameel en deze wist ‘Adba’ voorbij te streven. De moslims vonden dit erg onaangenaam. De Heilige Profeet (sa) zei daarop:
“Het is het recht van Allah dat hetgeen Hij in deze wereld verheft, Hij ook weer verlaagt.”
Een ander voorbeeld van nederigheid wordt door Hazrat Umar (ra) beschreven. Hij vertelt:
“Ik vroeg de Heilige Profeet (sa) toestemming om de Umrah te verrichten. Hij verleende mij toestemming en zei:
‘O mijn broer, vergeet mij niet in uw gebeden.’
Hazrat Umar (ra) zegt:
‘Deze woorden waren voor mij zo waardevol dat zelfs de gehele wereld mij niet zoveel vreugde had kunnen schenken.’
Hoewel Allah de Almachtige het sturen van zegeningen (Durud) over de Heilige Profeet (sa) als voorwaarde voor de aanvaarding van gebeden heeft gesteld, bereikte zijn nederigheid het hoogtepunt doordat hij een van zijn volgelingen vroeg om voor hem te bidden.
De dochter van Hazrat Khabbab (ra) verhaalt dat zij een geit naar de Heilige Profeet (sa) bracht om gemolken te worden. Hij bond de geit vast en molk haar zelf. Daarna zei hij:
“Breng een grote kom.”
Toen zij een grote kom bracht, molk hij de geit totdat de kom gevuld was. Vervolgens zei hij:
“Drink er zelf van en geef ook aan uw buren.”
Ook in het begroeten van mensen en het zitten in bijeenkomsten toonde de Heilige Profeet (sa) grote nederigheid en voortreffelijk gedrag. Hazrat Anas bin Malik (ra) vertelt:
“Wanneer iemand bij de Heilige Profeet (sa) kwam, schudde hij hem de hand. Hij trok zijn hand niet terug totdat de ander zelf zijn hand terugtrok. Evenmin wendde hij zijn gezicht af totdat de ander dat deed. Nooit werd gezien dat hij zijn knieën vooruitstak tegenover degene die naast hem zat.”
Hazrat Imam Husain (ra) vertelt dat hij zijn vader, Hazrat Ali (ra), vroeg hoe de Heilige Profeet (sa) zich thuis gedroeg. Hazrat Ali (ra) antwoordde:
“Wanneer de Heilige Profeet (sa) thuis kwam, verdeelde hij zijn tijd in drie delen: één deel voor Allah de Almachtige, één deel voor zijn gezin en één deel voor zichzelf. Vervolgens verdeelde hij ook zijn eigen deel tussen zichzelf en de mensen. Via vooraanstaande metgezellen bracht hij de religieuze leringen over aan de gewone mensen en hield hij niets voor hen verborgen.”
Hazrat Umar (ra) vertelt:
“Op een keer bezocht ik de Heilige Profeet (sa) terwijl hij zich in zijn bovenkamer bevond. Hij lag op een mat zonder iets ertussen. Onder zijn hoofd lag een leren kussen gevuld met dadelvezels en bij zijn voeten lag een hoop bladeren van de acaciaboom. Ik zag de afdrukken van de mat op zijn zij en begon te huilen.
De Heilige Profeet (sa) vroeg:
‘Waarom huil je?’
Ik antwoordde:
‘O Boodschapper van Allah (sa), Kisra en Caesar leven in luxe, terwijl u, de Boodschapper van Allah, in deze toestand verkeert.’
Daarop zei hij:
‘Bent u er niet tevreden mee dat zij deze wereld krijgen en wij het Hiernamaals?’”
Zelfs tegenover onbeleefde mensen handelde de Heilige Profeet (sa) altijd met zachtheid en nederigheid. Hazrat Abu Hurairah (ra) vertelt dat een man bij de Heilige Profeet (sa) kwam om een schuld op te eisen en daarbij harde woorden gebruikte. De metgezellen werden boos, maar de Heilige Profeet (sa) zei:
“Laat hem begaan en koop een kameel voor hem.”
De metgezellen zeiden:
“Wij vinden geen kameel van dezelfde waarde; alleen duurdere.”
Hij antwoordde:
“Geef hem die dan, want de beste onder jullie is degene die het beste zijn schulden terugbetaalt.”
Tijdens de verovering van Mekka bracht Hazrat Abu Bakr (ra) zijn vader naar de Heilige Profeet (sa). Toen de Heilige Profeet (sa) hem zag, zei hij:
“O Abu Bakr, u had deze oude man thuis kunnen laten; ik zou zelf naar hem toe zijn gekomen.”
Hazrat Abu Bakr (ra) antwoordde:
“O Boodschapper van Allah (sa), hij verdient het meer om naar u toe te komen.”
Daarna liet hij zijn vader voor de Heilige Profeet (sa) zitten. De Heilige Profeet (sa) streek met zijn hand over diens borst en zei:
“Aanvaard de islam, dan zult u vrede vinden.”
Daarop accepteerde Abu Quhafah (ra) de islam.
Over het huishouden van de Heilige Profeet (sa) wordt door Hazrat Hasan (ra) overgeleverd:
“De deuren van de Heilige Profeet (sa) stonden voor iedereen open. Er stond geen deurwachter bij hem en er werden niet dagelijks luxueuze maaltijden voor hem bereid. Iedereen die hem wilde ontmoeten, kon dat gemakkelijk doen. Hij zat op de grond, droeg eenvoudige en grove kleding, reed op een ezel en liet anderen achter zich meerijden. Na het eten likte hij zijn vingers schoon.”
Met betrekking tot het schoonmaken van de moskee wordt van Hazrat Ya‘qub bin Zaid (ra) overgeleverd dat de Heilige Profeet (sa) stof en vuil in de moskee zelf verwijderde met behulp van een stok waaraan een doek bevestigd was.
De Beloofde Messias (as) zegt:
“Allah de Almachtige is zeer Barmhartig en Genadevol. Hij voedt de mens op allerlei manieren op en betoont hem genade. Uit deze genade zendt Hij Zijn gezonden dienaren zodat zij de mensen bevrijden van een zondig leven. Hoogmoed is echter een zeer gevaarlijke ziekte. Wanneer deze in een mens ontstaat, betekent dit geestelijke dood voor hem. Ik weet met zekerheid dat deze ziekte erger is dan moord. Een hoogmoedig mens wordt de broer van Satan, want het was hoogmoed die Satan vernederde en te gronde richtte. Daarom is het een voorwaarde voor een ware gelovige dat hij geen trots bezit, maar juist bescheidenheid, nederigheid en ootmoed. Dit zijn de kenmerken van Gods gezonden dienaren. In hen is een uiterste mate van nederigheid aanwezig, en boven allen bezat de Heilige Profeet (sa) deze eigenschap in de hoogste graad.”
Moge Allah de Almachtige ons in staat stellen de leringen en de Sunnah van de Heilige Profeet (sa) te volgen en de wegen van nederigheid te bewandelen.
Aan het einde van de preek vermeldde Huzoor-e-Anwar (aba) tevens met lof de overleden Mukarram Malik Daud Mahmood Sahib, zoon van Muhammad Ishaq Sahib, oorspronkelijk afkomstig uit Vehari en later woonachtig in Karachi.
