Samenvatting vrijdagpreek 04 Juli 2025 – Mohammed (sa): Het Grote Voorbeeld

KJ-Summary-NL-20240704         KJ-Summary-FR-20240704

KJ-Summary-UR-20240704         KJ-Summary-BN-20240704

 

Samenvatting vrijdagpreek 4 Juli 2025

Gegeven door Hazrat Khalifatul Masih V (aba)

In de vorige preek sprak Huzoor-e-Anwar (aba) verder over het gezegende leven van de Heilige Profeet (sa), in het bijzonder met betrekking tot de verovering van Mekka.

Toen de Heilige Profeet (sa) Mekka binnentrok, reed hij op zijn kameel genaamd Qaswa en reciteerde hij Soera al-Fath (Het hoofdstuk van de Overwinning) uit de Heilige Koran. Mensen kwamen bijeen om het gezegende gezicht van de Heilige Profeet (sa) te zien. Ze zagen dat zijn hoofd zo diep gebogen was in nederigheid dat het het zadel raakte waarop hij zat. Op dat moment herinnerde de Heilige Profeet (sa) de mensen eraan dat het ware leven het leven in het hiernamaals is.

Na zijn intocht in Mekka besloot de Heilige Profeet (sa) te verblijven op een plaats genaamd Khaif Banu Kinanah. Dit is de plek waar de mensen van Mekka zich verenigd hadden in hun ongeloof tegen de moslims en besloten hadden hen te boycotten. Geleerden zeggen dat de beslissing van de Heilige Profeet (sa) om daar te verblijven een uiting was van dankbaarheid jegens Allah.

Daarna begaf de Heilige Profeet (sa) zich naar de Heilige Moskee. Rondom de Heilige Ka’ba stonden 360 afgodsbeelden. De Heilige Profeet (sa) had een staf in zijn hand, en terwijl hij langs de afgoden liep, tikte hij elk beeld aan met zijn staf. Hij reciteerde hierbij dit vers uit de Heilige Koran:
En zeg: “Waarheid is gekomen en leugen is verdwenen. En de leugen moet inderdaad verdwijnen.” (Heilige Koran, 17:82)

Na het verrichten van nawafil in de Ka’ba, richtte de Heilige Profeet (sa) zich tot de mensen van Mekka. Hij zei dat de meest vrome mensen degenen zijn die het meest rechtvaardig zijn. Hij vroeg de Qoeraisj wat zij dachten dat hij met hen zou doen. Zij antwoordden dat wat de Heilige Profeet (sa) zou beslissen, het beste zou zijn. De Heilige Profeet (sa) kondigde toen een algemene amnestie aan, waarbij hij de woorden van Jozef (vrede zij met hem) aanhaalde:
“Heden zal er geen verwijt tegen u zijn.” (Heilige Koran, 12:93)
Deze vergeving van juist de mensen die hem gemarteld en verdreven hadden, was een uiting van de barmhartigheid van de Heilige Profeet (sa) en zijn diepe verbondenheid met God.

Aan het eind kondigde Huzoor-e-Anwar (aba) twee afwezige begrafenisgebeden aan (Namaz-e-Janaza in absentia):

  1. Syeda Lubna Ahmad
  2. Naz Moon Bibi Zubair